Krijstijd
×
Krijstijd Krijstijd
Nederlands
2025
Volwassenen
Speelduur: 3:36
Persoonlijk relaas van een vader over de ziekte van zijn jonge dochter, het verlies van zijn zicht en de onmacht die hij ervaart.
Daisy-boeknummer 60271
Onderwerp Vaders, Ziek zijn, Relaties
Persoononderwerp Vandecasteele, Joost
Titel Krijstijd
Verteller Luc Roelant (inlezer)
Taal Nederlands
Distributeur Brussel: Luisterpunt, 2025
1 cd
Speelduur 3:36
Oorspr. uitgever B&L
Aantekening Vlaamse stem
Stem: Man

De Standaard

Het turbulente leven van een ongeluksmagneet
Carl De Strycker - 29 maart 2025

Als stand-upper is zijn meest memorabele grap het moment waarop Joost Vandecasteele tijdens de Comedy Casino Cup in 2008 per ongeluk van het podium donderde. Als acteur wordt hij zelden gevraagd, hoewel hij een prachtrol neerzette in de reeks Rough diamonds . En als scenarist van puike series als Generatie B (2017) en We moeten eens praten (2021) is hij onderschat. Ook als auteur breekt hij maar niet door, ondanks de Debuutprijs voor Hoe de wereld perfect functioneert zonder mij (2009), en gedurfde romans als Massa (2012) - een van de beste Nederlandstalige romans over de economische crisis. Vandecasteele beoefent veel verschillende ambachten, maar lijkt vooral een man van dertien ongelukken.

Je wenst hem toe dat daar verandering in komt met het kwetsbare Krijstijd . Dat opent met een naar de keel grijpend tafereel: het dochtertje van Vandecasteele is met een levensbedreigend virus in het ziekenhuis opgenomen en ligt aan allerlei machines en draadjes die ze wil losrukken, wat hij probeert te beletten: “Mijn vaderschap gereduceerd tot het bedwingen van een hulpeloos wezen.” Het is de zoveelste in een lange reeks tegenslagen en Vandecasteele breekt. Dat zorgt voor een eloquente gulp gal over alle onheil dat hem overkwam, een tirade waarin hij niets of niemand ontziet, nog het minst zichzelf.

Vasectomie

En dus krijgen we het verslag van zijn kwakkelende carrière, zijn vraatzucht, drank- en gokverslaving, het spaaklopen van zijn eerste huwelijk en het zwerversbestaan dat daarop volgde, en de oogproblemen die zorgden voor een calvarietocht via artsen en klinieken. Vandecasteele kijkt in de spiegel en is onverbiddelijk. Met zijn kenmerkende cynisme pijnigt hij dit keer zichzelf. Het sarcasme waarmee hij zichzelf en de wereld beschouwt, zorgt dat dit boek het zelfbeklag overstijgt in een mix van genadeloze zelfanalyse en maatschappijkritiek.

Hilarisch zijn bijvoorbeeld de ziekenhuisscènes waarin hij na een vasectomie een potje sperma moet produceren, of deze bedenkingen over bed and breakfasts: “Alle voordelen van een hotel schrappen en mensen zich laten vervelen in iemand anders zijn living om 's ochtends pas een croissant te krijgen nadat je een kwartier lang de filosofie van de B&B hebt moeten aanhoren? Niks heeft nog een concept, alles is filosofie. Zelfs een camping heeft een filosofie. Als je godverdomme je eigen toiletpapier uit je tent moet meenemen om te gaan kakken, is er geen sprake van filosofie. Dat is niet 'one with nature' , dat is pure gierigheid.” Hier voel je de opbouw en timing van de stand-upcomedian.

Jammer dat de tekst ontsierd wordt door zo veel kromme zinnen en spreektalige wendingen (zoals het ergerlijke 'terug' waar 'opnieuw' bedoeld is) met als zure kers op de taart de spelfout in deze sleutelzin over het zieke kind: “We weten niet waar ze die scepsis opgelopen heeft”, waarbij het arme wicht echt niet lijdt aan filosofische twijfel, maar aan bloedvergiftiging (sepsis).

Vandecasteele schrijft: “We beleven een opbod van emoties. Iedereen stort ongevraagd zijn hart uit, niemand is nog gewoon oké. We bezitten meer onverwerkte trauma's dan korte broeken. Misschien wordt dit onze nachtmerrie van de toekomst: dat iedereen elke zin begint met: 'Ik voel … '.” Toch is het dat wat hij in Krijstijd doet. Daarmee toont hij een andere kant van zichzelf: de brulboei blijkt een teergevoelige man.